Woonzorgzones – varianten – Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

0

De eerste projecten met woonzorgzones waren gericht op het realiseren van een losse zone. Al snel volgden projecten die zich gingen richten op ‘woonzorgzonering’. Het idee is dat één woonzorgzone niet volstaat in een gemeente of regio. Gezien de omvang van de vergrijzing en de vermaatschappelijking van de zorg is het nodig een samenhangend plan te maken dat voorziet in woonzorgzonering over de hele gemeente of regio. Ook dan kan een start gemaakt worden met één of meer pilotprojecten. Een goed voorbeeld is Leeuwarden.

Ook zien we dat de ontwikkeling van woonzorgzones meer en meer gekoppeld wordt aan bredere projecten gericht op wijkontwikkeling, stedelijke vernieuwing en plattelandsontwikkeling. Een voorbeeld van de koppeling met stedelijke vernieuwing is het project Zorgvriendelijke wijken Amsterdam West. In het onderzoek Idealen in aanbouw worden een aantal voorbeelden beschreven. Het bekende project Skewiel Trynwâlden in Friesland heeft vanaf het begin de bevordering van de leefbaarheid op het platteland centraal gesteld.

Veel van de projecten die zich verbinden aan ideeën van STAGG en woonzorgzone, gebruiken de naam woonzorgzone in de externe communicatie niet. Ze leggen liever de nadruk op het verhogen van het serviceniveau voor de hele wijk, het stimuleren van ontmoeting en samenhang en het geschikt maken van omgeving en woningen. Namen als Wel Thuis, Leven in het Dorp, Levensloopbestendig stad en Geschikt Wonen voor Iedereen, klinken minder ‘zorgelijk’ en ‘ruimer’ dan een woonzorgzone.

Woonzorgzone wordt hier gebruikt als verzamelbegrip voor al die initiatieven met uiteenlopende namen. Ook maken we sinds kort onderscheid tussen de ‘servicewijk’ als algemene aanduiding van een wijk met een hoger niveau van wonen, welzijn en zorg en de ‘woonzorgzones’ als kleinere vlekken daarin waar intensieve zorg gegeven kan worden. Het artikel Woonzorgzone of servicewijk (pdf, 96 kb) gaat in op de discussie rond de naamgeving.