Bruisende wooncomplexen: hoe blijft de sociale gemeenschap actief? – Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

0

Woningcorporaties merken al geruime tijd dat woongemeenschappen van senioren na van verloop van tijd hun kracht verliezen. Ontmoetingsruimten worden minder gebruikt, bewoners ontmoeten elkaar minder vaak en het aantal activiteiten loopt terug. Platform31 kreeg de vraag van corporaties: zijn er methodes waarmee bewoners zelf aan de slag kunnen? Om opnieuw contact te krijgen met elkaar, te kijken of bewoners wat met elkaar willen ondernemen. In het experiment Vitale woongemeenschappen, onderdeel van het programma Langer Thuis, onderzoekt Platform31 in samenwerking met KCWZ de effectiviteit van een aanpak voor gemeenschapsopbouw en revitalisering. 

amstelflat-opening-5200814

Tien woongemeenschappen proberen de methode ‘Studio Bruis’ uit. Bewoners van deze woongemeenschappen en de betrokken professionals van de woningcorporatie, zijn in het voorjaar getraind in de aanpak en worden tijdens de toepassing ervan gevolgd door een onderzoeksteam van de Universiteit van Humanistiek. Helpt zo’n aanpak om aan de slag te gaan? Zijn er inderdaad meer activiteiten na afloop? Welke bewoners doen mee en wie niet? We interviewden Platform31-projectleider Annette Duivenvoorden en methode-ontwikkelaar Kees Penninx (ActivAge).

Professionele ondersteuning en kartrekkers

‘Langzaam wordt duidelijk wat wel en niet werkt in de Bruis-methode’, zegt Penninx die alle aan het experiment deelnemende woongemeenschappen bezocht. ‘Het gaat hier om een methode waarmee we willen werken aan community building. Daarvoor heb je enkele enthousiaste kartrekkers nodig en enige professionele ondersteuning. Dan kun je, denk ik, veel bereiken in wooncomplexen voor senioren.’ Annette Duivenvoorden, projectleider Platform31: “De vraag is waar de grens ligt van een bewonersinitiatief. Lukt het alle woongemeenschappen om met elkaar activiteiten te ontwikkelen? Hoe ga je om met conflicten of ergernissen onderling? Of als bewoners erg kwetsbaar zijn geworden en zorg nodig hebben? Dat zijn vragen die we hopen te beantwoorden in het experiment.”

Bewonerscommissies 3.0

Penninx ziet veel enthousiasme bij bewoners. Een prettige woonomgeving is voor hen van levensbelang. Sommige deelnemers aan de training volgen de methode stap voor stap, anderen geven er hun eigen draai aan. Dat vindt Penninx alleen maar waardevol want zo is het ook bedoeld. ‘Complexen verschillen van elkaar, bewoners ook dus is het logisch dat zij verschillend omgaan met de methode.’ In sommige complexen ziet hij dat bewoners graag een aantal activiteiten willen behouden. In andere complexen gooien bewoners het roer om. In één complex willen de bewoners van hun flat een bruisend centrum van de buurt maken en de buurt er actief bij betrekken.

Bewoners realiseren zich door de training dat zij niet meer achterover kunnen leunen en denken dat alles voor hen geregeld wordt. Nee, zij worden uitgedaagd zelf de handen uit de mouwen te steken en activiteiten te organiseren. De bewoners- of activiteitencommissie krijgt een heel andere rol: niet meer alle activiteiten zelf organiseren, maar faciliteren dat kleine groepjes bewoners – Bruiskringen – zélf dingen oppakken. Kleinschalig, op gangniveau. Met interessegenoten. Met de methode Bruis verkennen bewoners wat leuk en waardevol is in hun leven, wat wil je ondernemen met anderen? Eten, wandelen, koken, een creatief groepje, culturele uitjes. Naast de jaarlijkse bustocht naar de Keukenhof komen er meer, andere en kleinere activiteiten. ‘Er ontstaan dus bewonerscommissies 3.0, bewonerscommissies ‘nieuwe stijl’. Die kanteling zijn zij nu aan het maken.’

Krachtgericht en ‘fun’gericht

Professionals kunnen laagdrempelige ontmoetingen faciliteren waarbij bewoners eigen wensen, hobby’s en interesses delen. Professionals kunnen deze microactiviteiten faciliteren door bijvoorbeeld een ruimte ter beschikking te stellen of te helpen bij het aanvragen van een buurtbudget. ‘Professionals kunnen ook bewoners die niet zo snel in beeld komen aanspreken op hun talenten. Bijvoorbeeld als iemand goed gitaar blijkt te kunnen spelen, kun je uitzoeken of degene misschien een keer een huiskamerconcertje wil geven. Van onderop en van binnenuit!’, zegt Penninx. Community building is ‘maatwerk’. Het is de kunst om aan te voelen waar de kracht van bewoners zit. Professionals moeten oog hebben voor die kracht, wensen en talenten kunnen opsporen en die weten te versterken. Mensen een hart onder de riem steken.

‘Ik ben ontroerd door sommige verhalen. Een mevrouw in een van de deelnemende complexen heeft een moeilijke tijd achter de rug. Is erg bescheiden en houdt zich vaak op de achtergrond. Na afloop van de openingsbijeenkomst van Studio Bruis klampte ze ons aan, ze had een huislied geschreven. Toen begon ze te vertellen dat ze vroeger een prijs had gewonnen met het schrijven van een gedicht. Haar zus was operazangeres en zelf kon ze ook wel aardig zingen, zei ze. Laat maar horen, zeiden we. Toen begon ze ‘Je ne regrette rien’ van Edith Piaf te zingen. Een andere bewoonster liet het kippenvel op haar armen zien. Ze stelde daarop voor om op de feestavond te zingen voor de bewoners. Ze heeft haar hele optreden nu zelf al gepland.’ Penninx merkt dat niet alleen de bewoners een enorme groei doormaken. Ook professionals! Zo kwam een medewerkster van een corporatie op het idee om de gangen van het senioren complex ‘straten’ te noemen. En niet meer over ’bewoners’ te spreken maar over ‘straatmakers.’ Ook professionals maken bij Studio Bruis een omslag in het denken. Van aanbodgericht naar vraaggericht werken. En wat Penninx betreft ook naar ‘krachtgericht’ en ‘fungericht’.

Het experiment is een onderdeel van het programma Langer Thuis waarin Platform31 en het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg samenwerken. Cofinanciers zijn Fonds Nuts Ohra met het programma Meer Veerkracht, Langer thuis en stichting FLOW. 

Op woensdag 14 september 2016 organiseert het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg de tweede editie van het landelijke congres ‘Expeditie Begonia’. Want de reis gaat verder, met méér interessante woonvormen, innovatieve voorbeelden en een overzicht van knelpunten én oplossingen. Dit jaar met extra aandacht voor het langer thuis wonen in de eigen buurt. Kees Penninx (ActivAge), Annette van Duivenvoorden (Platform 31) en Kees Lustenhouwer (bewoner St. Elisabeth Zutphen) verzorgen samen de middagsessie: Bruisende wooncomplexen: hoe blijft de sociale gemeenschap actief?