NZa: Continuïteit zorg niet in gevaar door langer thuis wonen – Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

0

In de Monitor Effecten langer thuis wonen onderzoekt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) voor de tweede maal de gevolgen van extramuralisering. Het onderzoek richt zich met name op de financiële effecten voor zorgaanbieders. De NZa concludeert dat de continuïteit van de zorg niet in gevaar komt, ook al staan zorgorganisaties voor flinke veranderopdrachten (lees financiële tegenvallers). Inkomsten op het vastgoed nemen af en niet alle locaties kunnen blijven bestaan. Dat betekent in sommige gevallen verhuizen voor cliënten. Maar in alle regio’s blijft de zorg gegarandeerd, stelt de NZa.

gouda8_4-7907462

In eerder onderzoek in 2014 was gebleken dat in vijf regio’s de continuïteit van zorg in gevaar kon komen. In het nieuwe onderzoek bekijkt de zorgautoriteit de stand van zaken. De Monitor Effecten langer thuis wonen concentreert zich voornamelijk op de financiële problematiek voor zorgaanbieders als gevolg van extramuralisering. De scope van het onderzoek is dus kleiner dan de titel doet vermoeden.

Huuropbrengst

Een van de ervaren problemen is het verschil in huuropbrengst tussen Woningwet en NHC. Voormalige verzorgingshuizen brengen daardoor minder huur op en de zorginfrastructuur levert vaak onvoldoende inkomsten. Daarnaast krijgen zorgorganisaties te maken met het Woningwaarderingsstelsel bij het verhuren van appartementen en zijn herbestemmingsmogelijkheden vaak beperkt.

Zorg gegarandeerd

De NZa concludeert dat, gegeven de financiële posities van de onderzochte zorgorganisaties, alleen een tiental kleine zorgorganisaties een zodanig grote extramuraliseringsopgave en zwakke financiële positie hebben, dat zij hierdoor in de problemen komen. Deze aanbieders zijn verspreid over meerdere regio’s en de NZa gaat ervan uit dat bij een faillissement van een aanbieder, de zorgvraag door andere aanbieders kan worden opgevangen. Daarmee zou de zorg in alle regio’s voldoende gegarandeerd zijn.

Kanttekening

Bij deze conclusie moet wel de kanttekening geplaatst worden, dat de gevolgen van de extramuralisering breder zijn dan hier wordt beschreven. Continuïteit van zorg vanuit het perspectief van de cliënt betekent dat er alternatieven moeten zijn voor mensen met een zorgvraag. Gelukkig zien we in veel regio’s allerlei initiatieven ontstaan en zijn er steeds meer mogelijkheden om in het eigen huis de juiste zorg en begeleiding te ontvangen. Van het eigen netwerk, met mantelzorgondersteuning en/of van thuiszorgorganisaties. Daarnaast zijn er vele initiatieven van gemeenten, zorgorganisaties, woningcorporaties, initiatieven van burgers (woon- en zorgcoöperaties), in vele vormen. Deze initiatieven bieden voor veel mensen goede alternatieven, maar zullen voor sommige mensen met een zorgvraag niet altijd een oplossing zijn. Zo kunnen er eisen zijn ten aanzien van de bereikbaarheid, toegankelijkheid en functionaliteit van de woonomgeving, waar de geboden alternatieven niet aan voldoen. Deze factoren worden in het onderzoek van de NZa niet meegenomen, maar zijn wel van belang om de continuïteit van zorg te garanderen.