Lokale Kracht: klein beginnen levert grote resultaten! – Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

0

Heeft u wel eens ochtendgymnastiek gedaan met 570 anderen in een afgeladen congreszaal? De bezoekers van ‘Lokale Kracht: méér power in wonen, welzijn en zorg’ wel. Het congres begon op woensdag 3 april met tien minuten bewegen op muziek onder leiding van Olga Commandeur. Daarmee was de toon direct gezet: actief zijn, zelf doen, preventie, eigen regie. Dit congres zou geen rustig ‘luister dagje’ worden, maar was gevuld met krachtsessies en discussietafels.

wij-doen-het-zelf-5019057ronde-tafel-4679409lokale-kracht-plenair-1071268entree-1931-1408540beunderman-4289596

Tussen de aanwezige vrijwilligers, burgers, professionals en bestuurders in wonen, welzijn en zorg kwam een intensieve uitwisseling van kennis en ervaring op gang. Daarnaast kreeg de visievorming en het debat over Lokale Kracht een impuls met inspirerende bijdragen in een plenair programma onder leiding van Marianne Straks, bestuurder van zorgorganisatie Kalorama. De transitie van overheidsdenken, via marktdenken naar denken in burgerkracht begint steeds vastere vormen te tonen, zo bleek uit de door de deelnemers vooraf ingevulde enquête. Lokale kracht bestendigt!

Waar zit de power?

Opvallend is dat Lokale Kracht vanuit een intrinsieke positieve drive ontstaat. De lokale krachtmeting, welke vooraf aan het congres onder de deelnemers is uitgezet, geeft aan dat vooral het beter organiseren van wonen en zorg, en het zélf voeren van regie de motivatie zijn voor Lokale Kracht initiatieven, aldus Daniëlle Harkes van het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg. De scepticus die denkt dat het enkel is vanwege ‘bezuinigingen’ in het woon-zorg domein, vergist zich dus. Er is meer aan de hand. De burger wilt meer grip op zijn situatie.

Over-professionalisering

En dat is maar goed ook. Henk Nies, bestuurder Vilans en bijzonder hoogleraar Organisatie en Beleid aan de VU, laat zien dat de kosten voor langdurige zorg problematisch zijn en nog problematischer zullen worden. Tegelijkertijd staan deze hoge kosten niet in relatie tot de kwaliteit die wordt geleverd. Oorzaken zijn de ‘over-professionalisering’ van de zorg en de geringe ruimte voor betrokkenheid van individuele burgers en hun naasten. Een kanteling die de leefwereld centraal stelt en de informele en formele zorg hieromheen organiseert, is noodzakelijk. Eigenaarschap van probleem en oplossing komen hiermee weer bij de vrager te liggen. Dat kan grote besparingen opleveren én de kwaliteit verhogen.

Maar wat is nu nodig om lokale kracht te versterken? Joost Beunderman, stadsgeograaf werkzaam in Londen bij de Onderzoeks- en ontwerpgroep 00:/, stelt dat de overheid met een klein vliegwiel veel energie los kan maken. Klein beginnen kan grote resultaten opleveren. Voorbeelden hiervan zijn het Engelse ‘Right to Bid’ en ‘Right to Challenge’. Deze instrumenten geven burgers het recht om een concurrerende aanbieding te doen voor de organisatie van een publieke dienst of een ontwikkelings- of herbestemmingsopgave. De voorstuwende kracht achter Big Society, de beweging waar deze instrumenten uit voort komen, is de wens om tot innovatie in publieke diensten te komen. Veel mooie initiatieven zijn het gevolg. Zwakste schakel in deze ontwikkeling is de gebrekkige participatiebereidheid van financiers.

sessie-web-6857340sessie-droomhuis-2136590rondetafel-baetens-1573567plaza-3336882olga-commandeur-6411561krachtsessie-1978200krachtsessie-0304-6690274henk-nies-9486724

Dat doen wij zelf!

De Nederlandse koplopers, Zorgcoörperatie Hoogeloon en Stadsdorp Zuid, zien als geen ander de grote behoefte aan kennisdeling over lokale kracht. Beide coöperaties worden overspoeld door vragen van andere burgerinitiatieven. Om de uitwisseling tot stand te brengen ontwikkelen Jacques Allegro (Stadsdorp Zuid) en Ad Pijnenborg (zorgcoöperatie Hoogloon) het landelijke seniorenplatform ‘Dat doen wij zelf’, dat tijdens het middagprogramma gelanceerd werd. De heren zijn erg positief over de waarde van de zorgcoöperaties voor de plaatselijke gemeenschappen die zij vertegenwoordigen. Allegro noemt de sociale binding die is ontstaan een groot winstpunt. In Hoogeloon heeft de coöperatie een sterke regierol richting gemeente in weten te nemen met eigen WMO-loket en  de ontwikkeling van nieuwe zorgwoningen.

‘De goedwillende professional wordt vaak gesmoord in bureaucratie’, wordt verzucht in de paneldiscussie. René Scherpenisse, directeur/bestuurder van woningcorporatie Tiwos en Wybren Bakker, bestuurder van zorgorganisatie Sutfene zien voor organisaties een meer faciliterende, ondersteunende rol weggelegd. Op directieniveau is dit een gedeeld besef. Echter op de werkvloer of in het veld blijken wettelijke kaders en menselijke gewoonten vaak minder flexibel. De boodschap voor de overheid is dat bij het terugleggen van taken naar individuen en de familie, eveneens het terugleggen van verantwoordelijkheden past, aldus Ad Pijnenborg.

Méér lokale kracht!?

Het aantal samenwerkingsverbanden van burgers lijkt niet te stuiten. Maar vaak gaan initiatiefnemers een zware weg tegemoet door kennisachterstand en moeizame medewerking van professionals. Er is heel wat power voor nodig om een initiatief succesvol te ontwikkelen. Desondanks is er consensus dat lokale initiatieven een grote bijdrage kunnen leveren aan de noodzakelijke innovatie van de betaalbaarheid van de langdurige zorg. Aan professionele organisaties dan ook de oproep om na te gaan hoe zij initiatieven kunnen stimuleren en ondersteunen.

Hiervoor zijn een aantal belangrijke randvoorwaarden genoemd. Lokale en landelijke overheid kunnen in beleid en wetgeving zorgen voor ruimte voor initiatief en verantwoordelijkheid en initiatieven ook echt verantwoordelijkheid geven. Bij burgerinitiatieven is er behoefte aan uitwisseling van kennis en ervaringen. Deze kennisdeling kan de slagvaardigheid te vergroten. Zorgorganisaties, woningcorporaties en gemeenten zijn niet tot in de poriën ‘burgerinitiatief’ vriendelijk. Medewerkers voelen zich vaak gebonden aan de geldende kaders en organisatiestructuur. Dat staat het effectief tegemoet treden van burgerinitiatieven in de weg. Tenslotte is de financieringsbereidheid bij externe partijen gering. De onbekendheid en nieuwheid van het fenomeen maakt dat risico’s lastig zijn in te calculeren waardoor private partijen weinig enthousiast zijn.

Kortom

Kansen genoeg om burgerkracht een extra steun in de rug te geven! Wij dagen u uit! Dit najaar organiseert het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg wederom een bijeenkomst ‘Lokale Kracht’. Daarnaast is er in spetember een studiereis ‘Lokale Kracht in Engeland’. Meer informatie over deze reis vindt u in onderstaande link.

Iefje Bonsel-Soetens, adviseur/projectmanager

(foto’s Claudia Kamergorodski)