Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg – Tweede Kamer: Wmo niet voor juli 2006

0

27-05-2005

Het wetsvoorstel voor de Wmo wordt naar verwachting in de week van 30 mei aan de Tweede Kamer aangeboden. Dat heeft de Staatssecretaris laten weten in het Algemeen Overleg met de Vaste Kamercommissie voor VWS van 26 mei. Na indienen van het wetsvoorstel start de Kamer eerst een schriftelijke vragenronde. Het debat over het wetsvoorstel zal in het najaar plaatsvinden. Invoering van de Wmo per januari 2006 is in dat geval niet haalbaar, juli 2006 zou haalbaar kunnen zijn. Volgens meerdere kamerleden is 1 januari 2007 een wenselijkere startdatum.

Het overleg van 26 mei betrof de tweede termijn van het Algemeen Overleg dat op 20 april is gehouden. Toen heeft de Staatssecretaris toegezegd dat zij middels pilots zal toetsen of de meervoudige huishoudelijke verzorging zorgvuldig van de AWBZ naar de Wmo kan worden overgeheveld. Inmiddels heeft zij laten weten twee soorten pilots op te zetten, namelijk één soort waarbij gemeenten beginnen met het organiseren van huishoudelijke verzorging en één waarin gemeenten verder zijn met de Wmo. Naar de mening van de Kamerleden is het plan niet vergaand genoeg en moeten de pilots beter op de praktijk aansluiten. Ook moeten de pilots zich vooral richten op de gevolgen voor de burgers en mag het accent niet liggen op de uitvoerbaarheid voor gemeenten. De Staatssecretaris heeft toegezegd dat zij zal bekijken hoe hieraan tegemoet kan worden gekomen.

Een ander heikel punt in het Algemeen Overleg was de invoeringsdatum van de Wmo. Terwijl de Staatssecretaris al data voor de invoering noemt (namelijk 1 januari 2006 bij een beperkte Wmo en 1 juli 2006 bij overheveling van de totale huishoudelijke verzorging), zijn de Kamerleden van mening dat pas na besluitvorming over de wet een invoeringsdatum kan worden bepaald. Na indienen van het wetvoorstel start de Kamer eerst een schriftelijke vragenronde. Het debat over het wetsvoorstel zal in het najaar plaatsvinden. Invoering van de Wmo per januari 2006 is in dat geval niet haalbaar, juli 2006 zou haalbaar kunnen zijn.
Verschillende Kamerleden hebben al wel gewezen op uitvoeringsproblemen bij ingang van de Wmo halverwege het jaar en hebben 1 januari 2007 als een wenselijker datum genoemd.

Voorafgaand aan het debat in het najaar zal de Staatssecretaris nog informatie geven over de visie op mantelzorg en vrijwilligerswerk (via een aparte nota). Ook zal zij helderheid verschaffen over de middelen die worden overgeheveld vanuit de Subsidieregeling Diensten bij Wonen met Zorg. Probleem is dat deze subsidieregeling in 2004 door de aard van de regeling zelf maar ten dele is benut. Cliënten moeten voor het gebruik van de regeling namelijk een verblijfsindicatie hebben.

Andere kritiekpunten van de Kamerleden wil de Staatssecretaris aan de orde laten komen bij de behandeling van het wetsvoorstel. Dit betreft:

  • de vrijheid van cliënten om te kiezen tussen PGB of natura;
  • de positie van cliëntenorganisaties;
  • de rol van de provincies in de Wmo;
  • de benchmark;
  • de besteding van de eigen bijdragen door gemeenten;
  • de middelen voor de Wmo.

Persbericht VWS over AO van 26 mei.