Naar een healing environment in wonen-zorg – Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

0

healing_environment_schema-9297782

Een healing environment voor wonen en zorg wordt gecreëerd door bewust te bouwen voor het welbevinden van de gebruikers: bewoners én medewerkers. Bewust bouwen met aandacht voor alle omgevingsfactoren van het gebouw en oog voor de gebruikers. Er is steeds meer belangstelling voor de invloed die het gebouw heeft op het lichamelijk, mentaal en sociaal welbevinden van gebruikers. Deze pagina biedt inzicht in de samenhang tussen de kenmerken van het gebouw en de effecten hiervan op het welbevinden van gebruikers. Het doel is handvatten en toegang tot kennis te bieden bij het werken aan een omgeving voor wonen en zorg.  Bij ieder onderdeel vindt u een link naar alle informatie over dit onderdeel op deze site.

Klik op de vakjes voor meer informatie en links naar pagina’s over dit onderwerp.
Download volledige schema ‘Healing environment in wonen-zorg’ als pdf (18 kb).

Lichamelijk welbevinden

De fysieke omgeving heeft direct invloed op de mogelijkheden om in die omgeving te bewegen en te handelen. In woningen en gebouwen voor wonen en zorg wordt veel aandacht besteed aan het lichamelijk welbevinden van de gebruikers. Er is veel kennis en ook regelgeving om te komen tot gezonde, veilige en toegankelijke gebouwen. De voorwaarden voor lichamelijk welbevinden zijn voorwaardescheppend. Als dit niet in orde is zijn mentaal en sociaal welbevinden lastig te stimuleren. Aandachtspunten bij het realiseren van een optimale fysieke omgeving voor lichamelijk welbevinden zijn onder andere:
Toegankelijkheid
Toegankelijkheid van de gebouwde omgeving is meer dan een gebouw kunnen bereiken en binnengaan. Het is de eigenschap van de buitenruimte, gebouwen en woningen die ervoor zorgt dat mensen er kunnen doen wat zij er volgens de bestemming moeten kunnen doen. Toegankelijkheid is dus . De functie van het gebouw is daarbij leidend.
ZelfredzaamheidHet is voor mensen belangrijk zelfstandig te zijn bij wat zij in het gebouw moeten kunnen doen. Het zelfstandig kunnen uitvoeren van handelingen kan gezien worden als puur lichamelijk functioneren, maar heeft impact op het mentaal welbevinden.

Functionaliteit voor dagelijkse activiteiten
Het uitvoeren van de algemene dagelijkse levenshandelingen (ADL) vraagt extra aandacht in gebouwen voor wonen en zorg. Het is belangrijk dat het gebouw genoeg en goed ontworpen ruimte biedt voor (hulp bij) deze activiteiten.

Gezondheid
Condities van het gebouw als licht, lucht, akoestiek en thermisch klimaat hebben veel invloed op de fysieke gezondheid van de gebruikers van een gebouw. Ook andere aspecten van een gebouw kunnen bijdragen aan de gezondheid doordat ze bijvoorbeeld het handhaven van de hygiëne vergemakkelijken. Veel van deze aspecten zijn in wet- en regelgeving opgenomen.

Mentaal welbevinden

De fysieke omgeving heeft invloed op het mentaal welbevinden. Is de omgeving prettig voor de gebruiker of veroorzaakt het gebouw stress bij de bewoner of medewerker? Het is waardevol hier aandacht aan te besteden omdat in kwetsbare situaties mensen sneller en sterker beinvloed worden: ook door de kwaliteit van de fysieke omgeving. Bovendien zijn veel bewoners van woonzorglocaties het merendeel van de dag in de woning aanwezig. Een omgeving die het welbevinden ondersteunt kan daardoor een veel invloed hebben op de kwaliteit van leven. Mentaal en sociaal welbevinden beïnvloeden elkaar over en weer.Onderstaande subdoelen dragen bij aan het mentaal welbevinden van bewoners:

Autonomie

Zelfontplooiing 
Eervol / waardig bestaan
Comfort
Identiteit
Privacy

Sociaal welbevinden

De gebouwde omgeving kan sociaal contact en sociaal welbevinden stimuleren en faciliteren maar kan ook (onbedoeld) sociaal contact beperken. Naast de behoefte aan privacy is er ook behoefte aan sociaal contact en participatie. Nodigt een gebouw uit tot ontmoeting? Is het gastvrij voor de bezoekers en voor gasten van de bewoners? Veel bewoners van woonzorglocaties wonen alleen. Ook is hun actieradius nog al eens beperkt. Een ontwerp dat uitnodigt tot sociaal contact kan een belangrijke schakel zijn in het voorkomen van eenzaamheid. Mentaal en sociaal welbevinden beïnvloeden elkaar over en weer. Iemand die beter in zijn vel zit, die zich zekerder voelt zal ook eerder sociaal contact opbouwen. De bij mentaal welbevinden genoemde aspecten zijn (in)direct ook van invloed op het sociaal welbevinden. Aspecten van sociaal welbevinden waarop de gebouwde omgeving van invloed kan zijn zijn :

Sociaal contact
Participatie

Gastvrijheid
Groepsidentiteit

Omgevingsfactoren

Keuzes maken voor Gebouw betekent:

  • Het gebouw bewust plaatsen in relatie tot de fysieke en maatschappelijke omgeving
  • Gebruiksfuncties bepalen en het reserveren van voldoende ruimte
  • Een passende plattegrond ontwikkelen met een logische indeling van functies 

Keuzes maken voor Ruimte betekent:

  • Rekening houden met het effect van de wanden
  • Rekening houden met  het effect van de vloeren
  • Rekening houden met  het effect van de plafonds

Keuzes maken voor Interieur betekent:

  • Het kiezen en vormgeven van voorzieningen voor koken, baden, zorg, ontspanning
  • Het kiezen en plaatsen van passend meubilair
  • Het kiezen en plaatsen van kunst en sierelementen
  • Het kiezen van binnenplanten en het inrichten van een tuin of balkon

Keuzes maken voor Condities betekent:

  • Rekening houden met de behoefte aan daglicht en aanvullende binnenverlichting
  • Rekening houden met de behoefte aan frisse lucht en open ramen
  • Rekening houden met de akoestiek en overlast van geluid
  • Rekening houden met het thermisch klimaat: temperatuur, luchtvochtigheid en de invloed hierop

Het ontwerp van een gebouw bepaalt of je er kunt doen wat je er moet kunnen doen. Kunnen alle gebruikers er doen wat ze er willen kunnen doen? Is het gebouw veilig? Wat kan je doen bij de plaatsing van het gebouw in de omgeving, bij het reserveren van voldoende ruimte voor de gebruiksfuncties en bij het ontwikkelen van een passende plattegrond om te komen tot een veilig en toegankelijk gebouw?

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een gebouw lichamelijk welbevinden ondersteunt zijn:

  • Bereikbaarheid
    Integrale toegankelijkheid betekent dat je ergens kunt doen wat je er moet doen. Dat begint ermee dat een gebouw of woning voor iedereen bereikbaar is.
  • Toegangsbeheer
    Toegangsbeheer is de mate waarin gebruikers (personeel/ gasten/ bewoners) toegang hebben tot ruimtes in het gebouw.
  • Flexibiliteit
  • Positionering (t.o.v. omgeving / zon)
  • Veilige buitenruimte
  • Ruimte voor alle dagelijkse activiteiten (adl)
    In een woongebouw is ruimte nodig voor alle gebruiksfuncties waaronder algemene dagelijkse levensverrichtingen, zoals eten, zich wassen, naar het toilet gaan en het voeren van een huishouden, waarbij mensen met een functiebeperking soms zijn aangewezen op hulp en hulpmiddelen.
  • Alle informatie op deze site over een veilig en toegankelijk gebouw.

Per ruimte dient gekeken te worden of deze veilig en toegankelijk is voor de gebruiksfunctie van de ruimte voor degene die deze ruimte gebruikt. Houd daarbij rekening met het effect van wanden, vloeren en plafonds.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een ruimte lichamelijk welbevinden ondersteunt zijn:

  • Opppervlakte m2: plaatsings-, bewegins- en verkeersruimte
    Reserveer voldoende vloeroppervlakte voor het uitvoeren van een activiteit. Deze ruimte bestaat uit: plaatsingsruimte, gebruiksruimte en verkeersruimte. De plaatsingsruimte is de vloeroppervlakte die nodig is voor het plaatsen van een inrichtingselement of hulpmiddel. De gebruiksruimte is de vloeroppervlakte die de bewoner en de eventuele hulpverlener (mantelzorger of professional) nodig hebben om een activiteit uit te voeren. Verkeersruimte is de ruimte die nodig is voor het verplaatsen. Het gaat hier om: binnengaan en verlaten van een ruimte, bereiken van de positie waar de activiteit wordt uitgevoerd en de benodigde ruimte voor positioneren van hulpmiddelen. Inzicht in de benodigde vloeroppervlakte voor activiteiten voor (hulp bij) persoonlijke verzorging wordt geboden in het online instrument ‘Zorg in Woningen’.
  • Zichtbaarheid
  • Toegankelijkheid
    Toegankelijkheid van de gebouwde omgeving is de eigenschap van de buitenruimte, gebouwen en woningen die er voor zorgt dat mensen er kunnen doen wat zij er volgens de bestemming moeten kunnen doen.
  • Hygiëne
    Een ontwerp van een gebouw heeft invloed op de mate waarin en het gemak waarmee de gebrukers de benodigde hygiëne kunnen realiseren.
    Bij het ontwerpen van zorggebouwen vraagt de voedselhygiëne apart aandacht. Elke instelling in de gezondheidszorg moet de veiligheid van de maaltijden kunnen waarborgen. Daarom zijn alle organisaties die zich bezig houden met het bereiden, bewaren, vervoeren of verstrekken van voeding wettelijk verplicht te werken met een systeem dat de voedselveiligheid moet beheersen: HACCP, de Hazard Analysis Critical Control Points. Er is een Hygiënecode voor de voedingsverzorging in zorginstellingen. Lees meer op de website van het Voedingscentrum.
  • Alle informatie op deze site over een veilige en toegankelijke ruimte.

Aan een ruimte worden elementen toegevoegd die de ruimte uitrusten voor de functie. Dit gaat verder dan inrichting.  Ook horen daarbij de technische mogelijkheden die aan de ruimte worden toegevoegd als losse elementen of verankerd in het gebouw.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een interieur lichamelijk welbevinden ondersteunt zijn:

  • Domotica
    Technische aanpassingen in huis (zoals automatisch in- en uitschakelen van verwarming, verlichting of elektrische apparaten), maar ook mogelijkheden voor inbraakbeveiliging en alarmering, zodat oudere mensen of mensen met een beperking in hun eigen woning kunnen blijven wonen.
  • Ergonomie (voorzieningen, meubilair)
    Ergonomie is de kennis over hoe we als individu het beste functioneren op de plek waar we zijn. (Bron: Handboek voor Toegankelijkheid) 
  • Variatie in meubilering (maat en stijl)
    Mensen hebben verschillende afmetingen en verschillende voorkeuren. Te denken valt aan een variatie in afmetingen van meubels maar ook in bijvoorbeeld eetkamerstoelen en feauteuils.
  • Planten, bloemen
  • Alle informatie op deze site over een veilig en toegankelijk interieur.

Condities als licht, lucht en geluid hebben direct invloed op de gezondheid. Hierover is dan ook veel vastgelegd in regelgeving bijvoorbeeld in het Bouwbesluit. De condities worden beïnvloed door de gebouwinstallaties, maar bijvoorbeeld ook door de positie en bediening van ramen.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin de condities lichamelijk welbevinden ondersteunen zijn:

  • Thermische kwaliteit
  • Geluidskwaliteit
  • Daglicht
  • Lichtkwaliteit
  • Luchtkwaliteit
  • Buitenlucht

Alle informatie op deze site over een gezonde condities.

Een overzichtelijk gebouw – waarbij functies duidelijk zijn en men goed de weg weet te vinden – zal bijdragen aan de autonomie van de bewoners. Een goed vormgegeven gebouw draagt bij aan comfort, privacy en identiteit van bewoners. Een gebouw kan bewoners een plek bieden waar ze trots op zijn en waar zij een waardevol bestaan leiden. Zo kan een gebouw invloed hebben op het mentaal welbevinden van gebruikers: bewoners, bezoekers en personeel.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een gebouw mentaal welbevinden ondersteunt zijn:

  • Routing & oriëntatie
    ‘Het niet kunnen vinden van de weg in een gebouw is een belangrijke stressveroorzaker gebleken. Het is belangrijk dat je je in een gebouw continu kan oriënteren. Het moet duidelijk zijn waar je bent en hoe je bij je bestemming moet komen. Dit is te realiseren door een duidelijke plattegrond van het gebouw en voldoende oriëntatiepunten’ (Healing Environment, Anders bouwen voor betere zorg, Stagg 2009). In openbare gebouwen wordt vaak bewegwijzering toegepast om de oriëntatie te bevorderen. In woongebouwen ligt dit minder voor de hand omdat het niet bijdraagt aan de huiselijkheid.
  • Uitzicht (groen, water, beweging)
    Uitzicht heeft een positief effect op oriëntatie. Ook verbindt het mensen met de externe omgeving en de realiteit. Het biedt prikkels die zorgen voor de nodige afleiding. Echter voor sommige mensen kan het ook teveel prikkels bieden. Houd hiermee rekening bij de keuze voor locatie en positionering van het gebouw. Ook de plaatsing van de ramen speelt een belangrijke rol.
  • Variatie: rust en dynamiek
    Op verschillende momenten hebben mensen behoefte aan verschillende plekken. Op het ene moment verlangen we naar meer levendigheid en zoeken we een bruisende, dynamische plek op. Een ander moment trekken wij ons terug en zoeken we juist de rust op. Het is prettig om de kans te hebben om naast dynamische plaatsen ook rustige plaatsen op te kunnen zoeken in of buiten het gebouw.
  • Keuze verblijfsplekken
    De aanwezigheid van rustige en dynamische plaatsen in een zorggebouw komen het sterkst tot hun recht wanneer bewoners autonoom kunnen kiezen waar zij willen verblijven op welk moment.
  • Toegang tot buitenomgeving
    In verschillende onderzoeken is geschreven over de positieve effecten van groen en buitenlucht op het welbevinden. Het blijkt dat stress en negatieve emoties verminderen en dat aangename gevoelens toenemen. In de plattegrond ruimte reserveren voor een toegankelijke buitenruimte is dus van groot belang voor alle bewoners.
  • Privé: verblijf, slapen en baden
    Een privéruimte biedt bewoners de mogelijkheid om de eigen identiteit te uiten en draagt bij aan autonomie. Ook privacy is het best gewaarborgd wanneer mensen hun eigen plek hebben.
  • Alle informatie op deze site over een prettig gebouw.

Wanden, plafonds en vloeren bepalen sterk de sfeer in een ruimte. Een linoleumvloer, witte wanden en een syteemplafond komen eerder institutioneel over dan huiselijk. Door een goed ontwerp kan een ruimte een prettige ruimte worden, een plek die bijdraagt aan het mentaal welbevinden. Dat is bijvoorbeeld een plek waar mensen zich thuis voelen, een plek die bijdraagt aan een eervol en waardig bestaan. 

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een ruimte mentaal welbevinden ondersteunt zijn:

  • Kleur, materiaalOver de invloed van kleuren op het mentaal welbevinden zijn geen eenduidige conclusies te trekken die richtinggevend zijn voor het afwerken van ruimten. Materiaal en kleur zijn wel instrumenten om een bepaalde sfeer te creëren.
  • Herkenbaarheid
    Het is prettig bij binnenkomst van een ruimte direct te herkennen wat de functie van de ruimte is. Materiaalgebruik en de vorm van de kamer kunnen hieraan bijdragen. Voor sommige bewonersgroepen in de zorg (denk bijvoorbeeld aan mensen met dementie of mensen die blind zijn) is het zelfs essentieel dat de ruimte voorspelbaar is en dat associaties kloppen. Een verschil in vloerbedekking tussen de huiskamer en de keuken kan al bijdragen aan de herkenbaarheid van de ruimte. 
  • Alle informatie op deze site over een prettige ruimte.

De inrichting met meubilair, kunst en voorzieningen (voor koken, baden, zorg, ontspannen) kan bijdragen aan het mentaal welbevinden van de gebruikers. In een prettig interieur kunnen gebruikers autonoom hun weg vinden, comfort ervaren en hun identiteit herkennen.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een interieur mentaal welbevinden ondersteunt zijn:

  • Identiteit van privéruimteIdentiteit is dat wat eigen is aan een persoon. Een eigen huis is vaak een expressie van dat wat ‘eigen’ is. Ook in wonen-zorg kan men identiteit uiten door zelf kleur en invulling te geven aan een privéruimte.
  • Thuisgevoel / huiselijkheidIn woonzorggebouwen kan een huiselijke sfeer gecrëerd worden om te bevorderen dat bewoners de woonplek als thuis ervaren.
  • Plantenverzorging
  • Dierencontact
  • Alle informatie op deze site over een prettig interieur.

Met onze zintuigen beleeft iedereen iedere plek. Mensen die wonen met zorg zijn vaak extra gevoelig voor prikkels zoals temperatuur, geluid of geur. Deze ruimtecondities hebben invloed op het mentaal welbevinden. Voor het mentaal welbevinden is het belangrijk dat mensen invloed hebben op de ruimtecondities zodat deze afgesteld kunnen worden op de persoonlijke voorkeur van dat moment. Zo draagt het bij aan het comfort en de autonomie van bewoners.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin de condities mentaal welbevinden ondersteunen zijn:

  • Instelbaarheid ruimtecondities
    Het is prettig als gebruikers de condities kunnen aanpassen aan de persoonlijke voorkeur. Het gaat dan om: het aanpassen van de temperatuur of het openen van een raam. Door deze mogelijkheid te bieden ervaart de gebruiker autonomie en zeggenschap over de directe omgeving.
  • Geurbeleving
    Geuren geven een signaal af om ons te waarschuwen (bij brand, bedorven eten). Maar geuren geven ook emotionele ervaringen en smaakervaringen. Geur staat in nauw contact met gevoelens en emoties (Tussen mens en plek, M. Wijk en I. Luten, 2001).
  • Akoestische condities
    Geluid heeft ook een mentale invloed. Dat heeft niet zozeer met de geluidsterkte te maken als wel met de mogelijkheid om het geluid te beïnvloeden(Tussen mens en plek, M. Wijk en I. Luten, 2001).
  • Licht: (daglicht en kunstlicht)
    Licht heeft eigenschappen die effect hebben op bioritme en het lichamelijk welzijn van mensen, dieren en planten. Het geeft ook dynamiek en ruimtelijk besef aan een ruimte, doordat het sterk varieert in fysische eigenschappen: kleur, hoeveelheid, richting. Dit geldt met name voor daglicht, echter bij gebrek aan daglicht kan het aangevuld worden met sterk kunstmatig licht (Tussen mens en plek, M. Wijk en I. Luten, 2001).
  • Alle informatie op deze site over een prettige condities.

De locatie, de plattegrond en de uitstraling van een gebouw kunnen invloed hebben op het sociaal welbevinden van bewoners in een gebouw. Vroegtijdig nadenken over de effecten van het gebouw in een (ver)bouwproces is dus ook gewenst. Ontstaat er een uitnodigend gebouw waarbij interactie ontstaat met de omgeving? Een gebouw waarbij ruimte is voor bewoners om samen iets te beleven en elkaar te ontmoeten?

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een gebouw sociaal welbevinden ondersteunt zijn:

  • Relatie met wijk/buurt
    De plek in een wijk heeft invloed op het eenvoudig kunnen bereiken van winkels of een park. Wanneer bewoners er niet op uitgaan is er in een levendige wijk wel de mogelijkheid uit het raam te kijken en iets te zien gebeuren. De locatie heeft ook invloed op het ontvangen van bezoek. Een locatie in een drukke omgeving kan er voor zorgen dat mensen sneller even langsgaan. Het gaat dus om echte ontmoetingen én om (uit)zicht op de straat.
  • Ruimte voor gasten ontvangen
    Het ontvangen van bezoek kan met het gebouw ook gestimuleerd worden. Mensen hebben hun eigen voorkeuren hoe zij bezoek willen ontvangen. Vaak is een privékamer met een zitje een goede plek om bezoek te ontvangen. Mensen gaan ook graag met hun bezoek in een tuin of in een restaurant zitten. Overweeg ook mogelijkheden te realiseren voor logeren.
  • Ruimte voor gezamenlijke activiteiten als koken, eten, sport, cultuur
  • Ruimte om in het gebouw toeschouwer te zijn. Gradaties in sociaal contact en privacy zijn wenselijk. Biedt niet alleen de keuze tussen actief meedoen of alleen in de eigen woning verblijven, maar biedt ook de mogelijkheid om toeschouwer te zijn.
  • Ruimte voor zingeving / religie
  • Alle informatie op deze site over een uitnodigend gebouw.

Alle gebruikers moeten zich in zekere mate uitgenodigd voelen in de ruimte (de wanden, de vloeren en de plafonds). Een sfeer die herkenbaar is omdat het aansluit bij de regio of uiting geeft aan een gemeenschappelijke leefstijl zorgt er voor dat het uitnodigend is voor bewoners. Dat geldt overigens ook voor de inrichting van de ruimte met meubilair, kunst of planten.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een ruimte sociaal welbevinden ondersteunt zijn:

  • Sfeer / herkenning Kleur en materiaal van wanden, plafonds en vloeren kunnen aansluiten bij een culturele identiteit of leefstijl.
  • Regionale bindingKiezen voor een sfeer die aansluit bij de streek kan bijdragen aan de groepsidentiteit van bewoners die samenleven. Door materiaal-, kleurgebruik en meubilair kan een sfeer ontstaan waarin personen zich herkennen.
  • Keuze in groepsidentiteit en leefstijl
    Wanneer geleefd wordt in afdelingen of woongroepen kan overwogen worden de indeling zoveel mogelijk te maken op basis van oorspronkelijke leefstijl. Op deze manier is de groepsidentiteit duidelijker en is het voor personen eenvoudiger te zien waar ze bij horen. Tegelijk is de leefstijl ook de overeenkomstige individuele identiteit van de bewoners.
  • Alle informatie op deze site over een uitnodigende ruimte.

Sociaal welbevinden heeft veel te maken met sociaal contact. Maar wel op het moment en met de persoon, die jij verkiest. Het interieur kan invloed hebben op het sociaal welbevinden van bewoners in een groep. De opstelling van de zithoek en de eettafels heeft bijvoorbeeld invloed op de mate van contact. De voorzieningen hebben ook invloed op wat mensen samen doen. Zo kan er de mogelijkheid geboden worden om samen te tuinieren. De oorspronkelijke leefstijl van bewoners kan ook in de inrichting zoveel mogelijk gevolgd worden.

Thema’s die een rol spelen in de mate waarin een interieur sociaal welbevinden ondersteunt zijn:

Het schema (als getoond bovenaan de pagina) biedt theoretisch ook ruimte voor de invloed van condities op het sociaal welbevinden van de bewoners. Dit zouden we het uitnodigend klimaat kunnen noemen. Te denken valt aan de invloed van elkaar al dan niet kunnen of willen horen, zien, ruiken, aanraken e.d. op de levendigheid danwel rust en privacy van de ruimte. Gezien de overlap met de invloed van condities op lichamelijk en met name op mentaal welbevinden verwijzen we naar gezonde condities en prettige condities.