S M

Hét informatiepunt voor professionals
op het gebied van wonen, welzijn en zorg

Corporaties huisvesten kwetsbare bewoners

Niet meer vanzelfsprekend?

Te weinig aandacht voor zo’n belangrijk onderwerp. Dat is het beeld dat corporaties hebben over de zorg voor kwetsbare doelgroepen. Rogier Goes van het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg organiseerde samen met tien Brabantse corporaties en Companen een ontmoeting rond dit thema. Corporaties zien zichzelf als probleemeigenaar, of zij dat nu willen of niet. Met de invoering van de nieuwe Wmo in 2015 zullen immers vaker dan nu mensen met een (lichte) verstandelijke beperking of psychiatrische problemen zelfstandig thuis wonen. Tegelijkertijd wordt voor deze doelgroep de zorg en ondersteuning versoberd. Ontoereikende begeleiding kan leiden tot verwaarlozing, overlast en wanbetaling. Maar hoe zit het met de huisvesting?  

Woonvoorziening Dwarsweg RIBW Nijmegen & Rivierenland (GGZ), Stichting De Driestroom (VG) en Standvast Wonen (woningbouwcorporatie)

Ingrijpend proces

De veranderingen in het sociale domein beheersen de voorpagina’s van de kranten. De meeste aandacht gaat uit naar de gevolgen van het rijksbeleid voor ouderen. De versobering van de zorg raakt echter ook de groep mensen met een (lichte) verstandelijke beperking of met psychiatrische problemen. De overheid heeft namelijk maatregelen getroffen waardoor minder mensen in aanmerking komen voor 'intramuraal verblijf'. Deze 'extramuralisatie' kennen we ook uit de ouderenzorg. Maar er is nóg een ingrijpend proces. Er zijn namelijk afspraken gemaakt met de GGZ-sector om het huidig aantal plaatsen in instellingen met liefst een derde te reduceren ('ambulantisering').

Wat betekent dit concreet? Mensen die nu nog (AWBZ-gefinancierd) in een instelling verblijven, zullen versneld uitstromen en huisvesting nodig hebben. Cliënten die nu zelfstandig wonen, kunnen in probleemsituaties minder snel een beroep doen op een intramurale plaats. Jongeren met psychische beperkingen zullen vaker zelf op zoek moeten naar zelfstandige woonruimte omdat voor hen geen passende (groeps-)woning is.

Gevolgen niet te overzien

Op dit moment is niet te overzien wat de gevolgen zijn voor huisvestingsvormen die we nu kennen. Corporaties bieden nu vaak gezamenlijk met zorgaanbieders 'beschermd wonen' aan. De cliënt krijgt begeleiding en woont in een huis dat een RIBW (Regionale Instelling voor Beschermd Wonen) huurt van een corporatie. Bijvoorbeeld in een groepswoning, één- of tweepersoonswoning, hostel of kleinschalige woonvorm. De corporatiewoning wordt door de instelling aan de cliënt doorverhuurd voor bepaalde tijd (zogenaamd 'omklapcontract'). Indien na deze periode blijkt dat de cliënt zelfstandig kan wonen, sluit de corporatie een reguliere huurovereenkomst met de cliënt (een zogenaamd 'omklapcontract').

Inmiddels hoor ik de eerste geluiden van zorgaanbieders die aan hun corporatie vragen om contracten 'om te klappen'. Echter, dit keer niet omdat de begeleiding van de cliënten zo goed is verlopen dat deze voortaan zelfstandig kunnen wonen en huren, maar omdat het gewijzigde overheidsbeleid betekent dat zorgaanbieders risico lopen door de huisvestingscomponent - al is het maar voor een jaar - voor hun rekening te nemen.

Ogen op corporatie gericht voor sluitende exploitatie

De bewoners die zijn aangewezen op het wonen in een voorziening voor beschermd wonen, hebben vaak een laag inkomen. Maar omdat een voorziening voor beschermd wonen ook over een gemeenschappelijke ruimte beschikt die verrekend wordt in de huurprijs, is het extra moeilijk om een huurprijs te realiseren die met een uitkering te betalen is. Indien de huisvestingskosten niet meer uit de AWBZ (of nieuwe Wmo) worden vergoed, ontstaat de lastige opgave om via huurinkomsten alsnog tot een sluitende exploitatie te komen (scheiden van wonen en zorg). Als vanzelfsprekend zullen de ogen dan op de corporaties worden gericht. Die lopen niet weg voor deze verantwoordelijkheid; 90% ziet voor zichzelf een belangrijke rol weggelegd bij het leveren van huisvesting aan cliënten die beschermd zelfstandig gaan wonen. 

Corporaties doen er in ieder geval goed aan om duidelijke afspraken te maken met zorgaanbieders en gemeente over de begeleiding van deze huurders. Wellicht verlaagt dat het risico van bijvoorbeeld potentiële woonoverlast of huurachterstanden. Maar daaraan gaat een cruciale vraag vooraf: wie zorgt voor de financiële dekking van de huisvestingskosten?

14-05-2014 14:47

Cijfers op de kaart (2013-2023)

Op drie interactieve kaarten is per regio de vraagontwikkeling voor wonen met zorg te zien. De volgende kaarten zijn beschikbaar:

Rogier Goes

Door Rogier Goes, adviseur bij het Aedes-Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg. Zijn specialiteit ligt op het terrein van wet- en regelgeving en financierings- en huisvestingsbeleid wonen en zorg. 

2018 (8)

2017 (16)

2016 (13)

2015 (19)

2014 (13)

2013 (16)

2012 (16)

2011 (5)

2010 (3)