Foto: Chris Pennarts

Wonen in ruimte en tijd

De VROM-raad beschrijft in het rapport 'Wonen in ruimte en tijd' van juni 2009 drie trends die onze toekomstige woonvraag bepalen: wonen met gelijkgestemden, transnationaal wonen en meerhuizigheid en verdienstelijking van het wonen (comfort, zorg).

De manieren waarop mensen in hun woningbehoefte voorzien, zijn sterk toegenomen. Wonen wordt steeds meer een tijdelijk, fluïde en meervoudig verschijnsel. De raad waarschuwt dat niet voor alle groepen de keuzevrijheid is toegenomen, zoals voor huishoudens met een laag inkomen. Daarom spreekt zij liever van een grote differentiatie naar keuzevrijheid dan van een grotere keuzevrijheid.

Wonen met gelijkgestemden

Volgens de raad is er een toenemende belangstelling voor wonen met gelijkgestemden, dus van mensen met een soortgelijke leefstijl. Als voorbeeld schetst de raad etnische woonzorgcomplexen, thematisch wonen (waterwonen, ecologisch wonen), woongroepen, duurzame woonwijken (zoals EVA Lanxmeer in Culemborg) en het collectief particulier opdrachtgeverschap (waarbij woningcorporaties en projectontwikkelaars een grote rol spelen). Bij het collectief particulier opdrachtgeverschap wijst de raad erop dat mensen medeproducent worden van het product wonen. Zij zijn dus meer een woonprosumer dan woonconsument.

Transnationaal wonen en meerhuizigheid

Het is makkelijker geworden om in het buitenland te wonen, werken of studeren. Dit heeft tot gevolg dat steeds minder mensen hun leven lang in hetzelfde land wonen, dezelfde wijk, hetzelfde huis. Sommige mensen beschikken over meerdere woningen al dan niet in verschillende landen (meerhuizigheid). Andere mensen wonen relatief kort op een locatie en verhuizen dan weer door naar een andere woning in binnen- of buitenland. Dat wordt fluïde wonen genoemd. Het aantal buitenlandse werknemers neemt toe en zij hebben vaak behoefte aan specifieke woonoplossingen, zoals woonhotels of pensions. Ook door de toenemende diversiteit in gezinsvormen neemt de meerhuizigheid toe (meer eenoudergezinnen en toename van het aantal kinderen dat een week bij de moeder en een week bij de vader woont). Het delen van tweede woningen, boten of kamers is een nieuwe trend, aldus de VROM-raad.

Verdienstelijking van het wonen

De woning en woonomgeving raakt steeds meer vervlochten met andere zaken dan alleen het wonen. De woning is vaker de plek om te werken, te recreëren of zorg te ontvangen. Daarom is het voor mensen belangrijk dat de dienstverlening in en om de woning optimaal is. De raad noemt dit de verdienstelijking van het wonen. Aanbieders van o.a. wonen, zorg en welzijn spelen hierop in door gezamenlijk diensten aan te bieden. De raad vraagt zich af of de aanbieders de groeiende behoefte aan zorg en dienstverlening kunnen opvangen en vinden dit een belangrijk aandachtspunt voor beleidsmakers. Ook wijst de raad op mensen die weinig geld te besteden hebben. Commerciële aanbieders zullen zich vooral richten op de rijkere senioren.

De raad gaat er verder vanuit dat het zelfstandig wonen meer ter discussie komt. Er komen meer collectieve arrangementen en private woondomeinen. Mensen die hun kennissen en vertrouwde winkels uit hun buurt zien verdwijnen willen niet altijd zo lang mogelijk thuis blijven. De raad meent dat woningcorporaties een grote rol kunnen spelen om de buurt vertrouwd te maken. Zij kunnen initiatieven van welzijnswerk, onderwijs en bewoners ondersteunen. Maar ook andere spelers kunnen een rol spelen. De raad noemt het project Parc Hoogveld in Sittard-Geleen als een mooi voorbeeld van integratie tussen wonen en zorg en geïnitieerd door een andere speler in het veld: de zorgaanbieder Orbis.

Aandacht voor kwaliteit

De raad verwacht dat mensen een steeds sterkere invloed willen hebben op de realisatie van hun woning en woonomgeving.
De raad pleit voor nieuwe ruimtelijke concepten om aantrekkelijke woon-, werk-, leer-, en recreatieomgevingen te realiseren. Kleinschaligheid is hierbij het adagium om op kleine locaties met aandacht voor kwaliteit gedifferentieerd te bouwen. Nieuwe partijen nemen meer en meer initiatieven voor de bouw, zoals zorgorganisaties, particulieren of uitzendbureaus (die internationale werknemers willen huisvesten). Hierbij adviseert de raad de overheid om te kijken of bestaande regels de nieuwe ontwikkelingen niet teveel in de weg staan.

Meer informatie

01-10-2009